RAS
.B 1
Functie: Relocatable Assembler
.B 1
Aanroep: RAS [-[L][B][6309]] [<filenaam>]
.B 1
RAS is de COSNIX uitvoering van de "bionische assembler versie
2".
Wordt RAS zonder argumenten aangeroepen,
dan assembleert hij de in de editor-buffer staande
broncode,
en plaatst het resultaat direct in het geheugen.
(Mits dit niet reeds door de assembler gebruikt wordt).
Wordt een filenaam meegegeven,
dan wordt de broncode hiervan gelezen,
wat iets meer tijd kost omdat de file voor elke
pass van de assembler weer opnieuw gelezen wordt.
Het vlagargument "-B" veroorzaakt het produceren van een
object-file.
De naam van deze file is afgeleid uit die van de source-file,
door er ".O" (voor "object") achter te zetten.
(Na er eventuele subdirectory namen (voor "/")
en suffixen (na ".") afgestript te hebben.)
Blijkt het niet mogelijk deze file te creeeren,
of komt de source uit de edit-buffer,
dan wordt de naam "OBJECT" gebruikt.
Een eventueel al bestaande file met die naam
wordt dan verwijderd.
.BR
    Het vlagargument "-L" veroorzaakt productie van een
listing op de standaard output,
onafhankelijk van eventueel in de broncode voorkomende
OPT instructies.
(Door de output te redigeren kunnen we deze listing
dus op een file krijgen.)
.BR
    Een vlagargument -6309 maakt dat RAS ook de 6309
instructies
herkent en vertaalt.
.B 1
RAS is (bijna) volledig upward compatible met AS.
Maken we echter gebruik van de relocatie faciliteiten
(externe symbolen, text- of data-segment),
dan is het nodig om de geproduceerde object-file
met de link-editor LD te behandelen.
(Het is in dat geval zinloos om direct naar geheugen te
assembleren!)
.B 1
Zie ook: LD (I), LIB (I), OBJECT (V),
.BR
         RAS Reference Manual.
.B 1
Voorbeeld:
.BR
          RAS -LB SRC/HIEPHOI.S>HIEPLIST
.BR
assembleert de source-file "SRC/HIEPHOI.S",
daarbij gegarandeerd een complete listing producerend,
die op de file "HIEPLIST" terecht komt.
Er wordt een file met object-code geproduceerd,
met als naam "HIEPHOI.O".
